Proefles: NGS Sportmasseur
Sportmasseur 592x116

Leuk dat je een proefles hebt aangevraagd! Tijdens deze les krijg je een indruk van de Opleiding Sportmassage. Ook krijg je een aantal vragen over de stof. Verderop in de proefles kun je deze nakijken. Heb je nog vragen, neem dan gerust contact met ons op. Succes en veel plezier met je proefles!

Student aan het woord

“Een opleidingsdag bij AALO opleidingen is opgedeeld in theorie- en praktijkdelen, deze worden gedurende de dag continu afgewisseld. Vaak wordt een opleidingsdag ook nog eens afgesloten met een toffe workout. Een opleidingsdag bij AALO is daardoor nooit saai! Je kunt de opgedane theorie ook direct toepassen in de praktijkoefeningen, erg handig!”

Inschrijven voor deze opleiding Brochure aanvragen Bel me terug


Studeren bij AALO

Bekijk deze video en ontdek alles over het studeren bij AALO.


Als enige opleider in de fitnessbranche ondersteunt AALO studenten niet alleen met dvd's en cd's, maar ook online door middel van een digitale leeromgeving en de AALO Community.Hier kun je op je gemak de leerstof nog eens doornemen die wordt gepresenteerd door een AALO Master Trainer. Deze trainers zijn specialisten op het gebied van fitness, voeding, sport en personal training. Tijdens de opleiding vertaalt dit zich in veel praktische tips en anekdoten direct uit de praktijk.

Stage
Tijdens de opleiding Sportmassage loop je geen stage.  

Studeren bij AALO Sportmasseur

 


Inhoud
 Kaft sportmasssage

Tijdens de Opleiding Sportmassage leer en werk je onder andere uit het Handboek Sportmassage. In deze proefles neem je vast een kijkje in de theorie uit dit handboek. Je oefent met verschillende opgaven. 

1.2.3 Bewegingbepalende uitdrukkingen

Vaktermen, die worden gebruikt om bewegingen aan te geven die plaatsvinden om een transversale as in een sagittaal vlak zijn:

  • Flexie en extensie: buigen en strekken van het ellebooggewricht, het kniegewricht, de vinger- en teengewrichten en hoofd.
  • Anteflexie (anteversie) en retroflexie (retroversie): naar voren brengen/buigen, naar achteren brengen/buigen van de arm in het schoudergewricht of het been in het heupgewricht (ook wel flexie en extensie) (foto's 1 en 2)
    Sportmassage 1 2
  • Ventraalflexie en dorsaalflexie: het naar voren, naar achteren brengen van de wervelkolom (romp)
  • Plantairflexie en dorsaalflexie: het naar beneden brengen van de voet en het optrekken van de voet in het enkelgewricht (bovenste spronggewricht)
  • Palmairlexie en dorsaalflexie: het buigen en strekken van de hand in het polsgewricht (foto's 3 en 4)
    Sportmassage 3 4
  • Vooroverkantelen en achteroverkantelen: deze termen worden gebruikt bij bekkenbewegingen

 

  • Hyperextensie: wordt gebruikt om een te grote extensie aan te geven, over de 0 graden extensiestand heen (overstrekken foto 5).

Sportmassage AALO


NB Bovenstaande bewegingen vinden plaats in een sagittaal vlak. 

Om een sagittale as vinden de volgende bewegingen plaats:

  • Abductie: de bovenarm/het bovenbeen opzij bewegen, van het lichaam afvoeren.

Sportmassage 6 7

  • Adductie: de bovenarm/het bovenbeen naar het lichaam terugbrengen.
  • Lateraalflexie: het zijwaarts buigen van de romp (wervelkolom), naar links of rechts.
  • Ulnair- en radiaalabductie: bewegingen in het polsgewricht, waarbij de hand respectievelijk naar de pinkzijde en naar de duimzijde wordt gebogen. Ook worden hierbij de termen ulnairflexie en radiaalflexie gebruikt (foto 8)
    Sportmassage 8
  • Zijwaarts kantelen van het bekken: Bewegingen waarbij het bekken in het frontale vlak gekanteld wordt.
  • Elevatie (schoudergordel): elevatie is een glijbeweging van het schouderblad over de romp, zoals bij het optrekken van de schouders (foto 9)
    NGS Sportmassage
  • Depressie of detractie: de glijbeweging waarbij het schouderblad naar caudaal beweegt.
  • Laterorotatie en mediorotatie: termen die gebruikt worden voor de schouderbladen, waarbij de onderpunten naar buiten en naar binnen draaien.

NB Bovenstaande bewegingen vinden plaats in een frontaal vlak.

De laatste jaren wordt rekken ter discussie gesteld in het kader van blessurepreventie. Dit, omdat neuromusculaire mechanismen bij het overschrijden van de bewegingsuitslag te laat zouden worden ingeschakeld, waardoor juist blessures ontstaan.
Op grond hiervan wordt door sommige wetenschappers rekken als zinloos beschouwd. Als sportspecifieke bewegingen grotere bewegingsuitslagen vereisen, is rekken mijns inziens altijd zinvol. Dit heeft zich ook in de praktijk voldoende bewezen.

Het rekken van de spieren heeft tot doel:

  • vermindering van spierspanning
  • vergroten van de bewegingsuitslagen (viscositeit)
  • verbetering van de coordinatie
  • verbetering van het ontspanningsvennogen
  • verkorten van de herstelfase (krachttraining)

In combinatie met het verbeteren van de mobiliteit van gewrichten:

  • vergroten van de bewegingsuitslagen
  • verbeteren van de balans
  • voorkomen van slijtage/overbelasting
  • verbeteren van de doorbloeding
  • voorbereiding op lichaamsbeweging
  • het blessurerisico verminderen
  • het verbeteren van de lichaamshouding
  • variatie in de training

Methoden van rekken

1. Dynamische rekoefeningen
In de buurt van de eindstand wordt er heel licht heen en weer bewogen (10-20 keer herhalen)

2. Statische rekoefeningen (Anderson-methode)
    Uitvoering:
1. Langzaam de eindpositie innemen 
2. Daarin circa 10-30 seconden blijven 
3. Goed ontspannen (ook andere spieren) 
4. Goed blijven ademhalen 
5. 's Morgens en 's avonds oefenen 
6. De oefeningen 4-8 keer herhalen

3. Janda-methode
    Uitvoering:
1. Spier op lengte brengen 
2. ca. 6 seconden aanspannen (isometrisch) 
3. Snel ontspannen (na verhoogde spanning volgt betere ontspanning) 
4. ca. 3 seconden rekken (niet veren) 
5. Goed ontspannen, daarna 6 seconden vasthouden 
6. Zes maal herhalen

4. Yoga-methode
Een yogahouding wordt ingenomen. In deze houding moet een zo hoog mogelijke ontspanning door middel van ademhaling en concentratie worden verkregen (meditatie).

5. Contract-relax-methode
In verlengde positie (de antagonist) aanspannen en doorrekken.

NB! Voor het rekken is het zinvol eerst warming- up oefeningen te doen. Het rekken tijdens trainingen wordt vaak overdreven, tenminste wat tijd betreft. Heel wat effectieve trainingstijd gaat met rekken verloren. Mijns inziens moeten er in de training rekoefeningen zitten als warming-up. Om de bewegingsuitslagen te verbeteren kan het beste binnen worden geoefend en bijvoorbeeld 's morgens of 's avonds in combinatie met ontspanning.

18.4 Handgrepen

Bij de klassieke massage worden over het algemeen vijf handgrepen beschreven. Deze komen uit de Franse en Duitse school. Het zijn: effleurage, petrissage, frictie, tapotement en vibratie.
Om een massage goed op te bouwen, gebruiken we meer handgrepen.
Op deze manier komen we aan basishandgrepen, die ook weer onderverdeeld worden. Verder zijn er nog allerlei bijzondere handgrepen. Bij het toepassen van handgrepen, kunnen alle delen van de handen worden gebruikt.

De basishandgrepen zijn:
1. lntermitterend drukken
2. Effleurages (strijkingen)
3. Petrissages (knedingen)
4. Fricties
5. Tapotements (kloppingen)
6. Vibraties (trillingen)
7. Schuddingen

Hierna worden de karakteristieken van deze handgrepen besproken.

Specifieke benamingen en handgrepen:
Vanuit de zeven klassieke basishandgrepen zijn door diverse docenten van opleidingen fysiotherapie specifieke handgrepen en benamingen beschreven, die algemeen en op diverse lichaamsdelen kunnen worden toegepast.
Vooraf aan de beschrijving van de afzonderlijke handgrepen een aantal algemeen gehanteerde benamingen. Ook moet worden opgemerkt, dat masseren niet te leren is van foto's.
Dat zijn slechts momentopnames. Bij het oefenen op elkaar moeten de studenten elkaar goed aangeven of een handgreep goed overkomt en aanvoelt en wat voor effect dat geeft.

Door veel te oefenen moet de cursist zich de diverse mogelijkheden van de handgrepen eigen maken.

Palmgreep sportmassagaeTanggreepEn bracelet 

Algehele ondersteuning enkelgewricht

Remming eversie en inversie
Bij de algehele ondersteuning van de enk.el bij a-specifiek functieverlies moet de enkel in een neutrale positie worden getapet. Plantair- en dorsaal:flexie moet alleen in de eindstand worden gesteund. Eversie en inversie moeten evenredig worden geremd, zodat de spmier geen belemmeringen heeft bij de loopbewegingen. We kennen twee technieken:

  • stijgbeugels
  • heel-lock's

Deze technieken kunnen ook in combinatie met elkaar worden gebruikt.

Techniek stijgbeugels
Uitgangshouding: de voet laten uitsteken over de rand van de tafel en in een 90° stand houden.

techniek stijgbeugels sportmassage

Werkstroken 1-2-3
Drie stijgbeugels (foto 8):

  • achter de malleoli ( I )
  • over de malleoli (2)
  • voor de malleoli (3)

Techniek heel-lock's

  • Voor beperken van de inversie

heel locks

Begonnen wordt zoals op foto 9. De strook tape gaat vanaf de laterale zijde van de voet, onder de voet door naar de mediate zijde van de voet, over de wreef en de onderzijde van de malledus lateralis naar de binnenzijde van de hiel, achter de hak door naar de buitenzijde van de enk.el. Deze slip wordt vóór de malledus lateralis tangs, kruislings naar de basisstroken getrokken en daar vastgeplakt.

Om een neutrale stand te waarborgen worden zowel de heellocks, als de stijgbeugels spiegelbeeldig aangelegd (foto 11). Na een inversiedistorsie wordt het accent gelegd op de stroken aan de buitenzijde. Als de eversie moet worden geremd worden de tapestroken aan de binnenzijde wat extra aangetrokken.

NB

  • De voet wordt precies 90° gehouden en niet gekanteld.
  • Alle stroken moeten een vloeiend verloop hebben.
  • Geen vouwen, vooral niet onder de voet.
  • De achillespees moet vrij blijven.
  • Het uittesten van de bandage.
  • De stand van de voet moet neutraal zijn, dat wil zeggen dat de voet niet gekanteld mag zijn.
  • De bandage moet lekker zitten.

Vragen

Vragen over het Handboek Sportmassage
Ben je benieuwd of je de theorie goed hebt begrepen? Beantwoord dan de onderstaande vragen. De antwoorden komen later in de proefles terug.

1. Wat verstaan we onder de vakterm ‘anteflexie’ ?
    a. naar voren brengen/buigen van de arm 
    b. naar achteren brengen/buigen van de arm 
    c. naar voren brengen/buigen van de voet 
    d. naar achteren brengen/buigen van de voet

2. Wat is een indicatie voor een sportmassage behandeling? 
    a. een fascie scheurtje 
    b. een blauwe plek 
    c. uitputting 
    d. spierstijfheid

3. ‘De achillespees moet vrij blijven van tapestroken.’ 
    a. Deze stelling is juist 
    b. Deze stelling is onjuist 


Antwoorden

Bekijk hier de antwoorden
Onderstaand kun je jouw antwoorden controleren.

  1. A
  2. D

Ben je na het volgen van de proefles enthousiast geworden over de Opleiding Sportmassage

Schrijf je vandaag nog in voor de Opleiding Sportmassage en zet de eerste stap! Neem gerust contact met ons op, als je nog vragen hebt. Succes met het kiezen van je opleiding! 
 

AALO 

Inschrijven voor deze opleiding Brochure aanvragen Bel me terug 


Over AALO

AALO is sinds 1996 uitgegroeid tot de grootste kwaliteitsopleider binnen fitness en movement professionals en de body & mind- en voedingsbranche. Met meer dan meer dan 65 opleidingen vind je bij AALO altijd een opleiding die bij je past. Na het succesvol afronden van een opleiding ontvang je een waardevol en branche-erkend AALO-diploma of -certificaat. Je kunt dus direct aan de slag! AALO heeft diverse voordelige pakketsamenstellingen waardoor je voordeel oploopt tot honderden euro's. 


                                   Studeren AALO Sport masseur    

Proefles: Sportmasseur (NGS)